26 maart 2011: Martinus 2 – Ouderkerk 3 2-1

by Gijs Lauret

Drie weken na de 0-4 in Ouderkerk beleefden we een spoedig weerzien met de mannen. Makkie. Zou je zeggen. Een wandelgang vertelde ons dat chantage een kernkwaliteit van dit team is. Een van hun zwaktes is kunstgrasangst. Beide kwam naar voren in een vrijdags dreigtelefoontje. Bij indeling op een kunstgrasveld zouden de gasten niet verschijnen en de hele dag in bed blijven liggen. Zodoende werd de knollenweide van veld 3 tot speelveld gepromoveerd. Eef werd in de catacomben iets te enthousiast begroet door een volledig kleine meisjesteam uit Aalsmeer. Wat een beetje chatten IRL al niet voor gevolgen kan hebben. In de kleedkamer toonde hij ons zijn nieuwe, griezelig spierwitte kicksen. Deze jongen had plannen vandaag. Door een lawine aan afwezigen (krampjes, operaties, stapelbedden van schoonouders, en er ging vast ook wel iemand winkelen) speelde Menno voor Ausputzer, met Steven Mpaulo als voorstopper. Verder was Mo back in town als linkermiddenvelder en vonden we Fabrice met Eef voorin. We begonnen lamlendig aan de wedstrijd, speelden sloom en leden voortdurend onnodig balverlies, vooral bij slappe passes door het midden. Een aanvaller van de bezoekers kwam in botsing met middenvelder Mich en bleef liggen in het gras. Hoewel niemand ook maar ene knak gehoord had, klonk hij zeer beslist: “Ik heb mijn achillespees gescheurd.” Hij kreunde niet echt overtuigend maar hinkte, ondersteund door een indrukwekkende hulpbrigade, van het toneel. Daar Ouderkerk vooraf had gedacht het zonder wissels af te kunnen, was het grandioos in de aap gelogeerd. Zo zagen we ons geconfronteerd met een tiental. De mythe dat het daartegen alleen maar moeilijker voetballen is, werd bruut bevestigd. De nummer 10 dribbelde over het middenveld, werd door verschillende mensen aangepakt maar toch ook weer niet en schoot van afstand strak en laag in de hoek: 0-1. Zo verwerd het tot een ontluisterende vertoning waarin we lethargisch over het veld strompelden en bij balbezit uit gekkigheid geen idee hadden wat we aan moesten met de oceanen aan ruimte. We prutsten wat aan, leden balverlies en schiepen amper iets wat op een kans leek. Dat Ouderkerk in de tussentijd nog iemand had geronseld om het elftal te completeren, maakte nul verschil. In de rust verlieten Papi en Royston het veld om te worden vervangen door Rut en Muermans. Het zooitje werd flink omgeschud, waarbij we ons formeerden in een revolutionaire 3-4-3. Meer druk op de verdediging was de gedachte. En drie man achterin was zat. Het was nog immer niet om aan te gluren na de pauze, maar de meeste persoonlijke duels werden nu gewonnen. Een prachtige pegel door De Muer, gevolgd door een dito redding, zette de toon. Met een beetje mazzel kreeg Muer een tweede kans, maar zijn poging werd van dichtbij verijdeld door de doelman. De GKL, in de eerste helft al moedeloos, kon het leven in zijn hok nu helemaal niet meer aan en begon almaar meer te ‘coachen’. Hem werd vriendelijk gevraagd of hij alsjeblieft stil wilde zijn en hem werd toegeschreeuwd dat hij zijn muil moest houden, maar veel verschil maakte het niet. Ouderkerk groef zich progressief in op eigen helft, leunend op de voorsprong. Een voorzet van Fabrice werd met het hoofd geschampt door ondergetekende. Dankzij een kluts via het hoofd van een Ouderkerker kreeg ik de bal voor het intikken. Er werd gepiept om buitenspel, maar dat kan het in 2011 nog steeds niet zijn als de bal afkomstig is van een verdediger: 1-1. Het aanzien van de wedstrijd bleef onthutsend. Een kort genomen corner werd evenwel door ondergetekende voor het doel langs geslingerd, waar broerlief Micheil stond om het leder met de binnenkant tegen de touwen te jagen: 2-1. In het laatste kwartier kropen de gasten uit hun cocon, waarbij wij hardnekkig weigerden de wedstrijd uit de counter in het slot te gooien. Een terugspeelbal met pol had welhaast hilarische gevolgen, omdat de doelman langs de bal maaide. Hij was net op tijd bij zijn doellijn. Jos werd gevloerd in de zestien, maar kreeg nada. Dat de keeper bij de daaropvolgende uittrap werd teruggefloten voor hands leek een vreemde, oneigenlijke vorm van compensatie. We leken de punten over de streep te trekken. Toch kreeg Ouderkerk nog één kans. De ellende was niet te overzien geweest als de nummer 7 zich had ingebeeld dat zijn schoonmoeder voor hem lag. Stel je voor dat hij iets anders had gedaan dan van dichtbij de bal tedertjes met zijn teen te aaien. De GKL was niettemin gepasseerd en liep al hoofdschuddend in zichzelf te vloeken. Terwijl het ronde ding tergend onverschillig richting doellijn rolde, was hij daar. Mich pikte op de lijn op en nam alle tijd kalm uit te verdedigen. Zo bleven we op wanstaltige wijze in de race voor de titel en won Mo voor het eerst dit seizoen een wedstrijd. Woensdag vindt de eerste van acht finales plaats bij RKAVIC.

Opstelling Martinus:

E. Zelhorst; Papilaya (46. Geel), Gaaikema, Mpaulo, G. Lauret; Lith (46. Muermans), M. Lauret, Ludlage, Moleman; De Waal, Overdevest.

 

Gijs Lauret