Gijs Lauret

Alledagsverhaaltjes, amateurvoebel, Ajax enzo, Het Vijftiende

4 november 2017: NiTA 2 – WV-HEDW 10 0-1 (0-1)

Ergens langs het gesuis van de A2 ligt een ingeslapen refogehucht van twaalfhonderd godvrezende inwoners, Nieuwer Ter Aa genaamd. Knappe jongen als je daar ooit van gehoord had. Aldaar, vlak achter De School met de Bijbel, heeft de Here God een kortgeknipt kunstgrasveld geschapen boordevol ziekteverwekkend rubbergranulaat. Ter info: volgens sommige stemmingmakende types ga je enorm dood van rubberkorrels. Erg hè?

Leuk en aardig, maar wij van Het Vijftiende kwamen niet om te sterven. Al had menigeen na de goddelijke steekpass van Quiri en dito afronding van Quintus alleszins tevreden kunnen inslapen (bel Q & Q voor al uw overheerlijke verwennerijen). Dan hadden we tenminste niet hoeven meemaken hoe de toch al volledig weggerotte enkel van Kapitein Roodbaard aan gruwelijke gruzelementen ging dankzij de intense horkerigheid van een gereformeerd been. Dr Phil werkt 24/7 en arriveerde binnen vijf minuten. Hij bracht de rest van de ganse niksmiddag in innige verstrengeling met zijn telefoon door. Je kunt maar beter alle huisartsenposten gebeld hebben. Het winderige novemberschouwspel was verder dramatisch genoeg om wekenlang hartverscheurend van te janken, alle meesterlijke hakkies van Tonzel uiteraard daargelaten.

O ja en wat ook fantastisch interessant is: in de duistere kantine van NiTA, waar ons enkelijzende Roodbaardje knetterdepressief in de leegte van zijn iPhone staarde, hebben ze de pinautomaat nog niet uitgevonden. Zonder cash dus geen bier. Maar daarmee waren de bofkonten de wereld niet uit: menig corrupte WV’er kon zijn pikzwarte moneybriefjes immers lachend witwassen in de druilerige regen van Nieuwer Ter Aa. Impotente traagzaadwedstrijd, niet om aan te gluren, Tonzel half aangerand door onze rebellerende kleutersupporter (you too, Tonzel!), nul gehouden, drie punten. Conclusie: volkomen volmaakte zaterdag, op die gekrakte enkel na. Welterusten doei.

 

Gijs Lauret

14 oktober 2017: Sporting Martinus 2 – WV-HEDW 10 5-1 (2-0)

Geachte lamlendige randfiguren, velen van jullie zijn met je absurd luie harses zelfs te beroerd om op één simpel linkje naar onze onovertroffen website te klikken. Welnu, hiervoor worden jullie nu schandalig beloond, stelletje lamzakken. Want per heden kun je onze onzinnige voetbalkolderleuterverhalen ook in al zijn glorieuze volledigheid op dat achterlijke Feestboek lezen. Mark Suckerberg danst op zijn goudomrande tafel en kraait van genot.

Afijn, nu we lekker een paar mensen hebben beledigd, kunnen we meteen over naar de schaamteloze zelfbevlekking. Martinus uit is een uitermate bijzonder duel voor uw briljante schrijver. Ik heb welgeteld zestien jaar met die roodgele boevenbende gefoebeld en tezamen met het inmiddels mythische Kampioenenteam drie knettervette kampioenstitels binnen geharkt. En ik kan u verzekeren: we waren keihard onverslaanbaar en werden tot ver in de provincie aanbeden en gevreesd. Gewoon fakking legend. Maar dat was toen Martinus nog een echte zaterdag 2 had en de succesbomen als nooit tevoren tot in de Amstelveense hemel groeiden. Tijden vervliegen echter zonder dat je er iets voor doet. De onaantastbare helden van weleer zijn onderhand verworden tot een semimank zooitje van kleine en grote bierpensen dat zijn geweldige voetbalkunsten vertoont in een overjarige veteranencompetitie. Ondanks dat schijnen de Martinianen ook weer een zaterdag 2 op de been te hebben gebracht. Het bestuur van de gewezen rooms-katholieken had er netjes aan gedaan om uit gepast respect voor Het Kampioenenteam nooit meer een tweede zaterdagelftal te formeren. Het beklagenswaardige feit dat dit toch is gebeurd zou ik geen schandvlek in de recente vaderlandse geschiedenis willen noemen, dat niet. Edoch het scheelt weinig. Maar dat is slechts mijn zeer bescheiden en genuanceerde opvatting. En aan de andere kant moeten we het de lieve mensen misschien niet verwijten. Iedereen blundert wel eens, nietwaar.

Het beloofde overigens een pokkenspannend middagje te worden. Gezien bovengenoemd gezever zou je namelijk haast vergeten dat er daadwerkelijk een wedstrijd was. De gastheertjes hadden zeven uit drie gepeurd. Daartegenover stond een foutloze competitiestart van uw hete pseudovedetjes. Dit betrof dus stiekem een heuse topper. Een staand verwelkomingsbord naast het veld wilde ons echter anders doen geloven. Op dat malle bord werden absurde meningen als feiten gepresenteerd, maar dat schijnt tegenwoordig volkomen normaal te zijn. Dat doorgedraaide bord beweerde dat voetbal een spel is (waar halen ze het vandaan, oorlog is toch ook geen spelletje), dat spelers kinderen zijn (oké, dat is wel een beetje waar), dat de scheids een mens is (wetenschappelijk gezien zeer discutabel) en dat we niet in de Champions League spelen (nodeloos kwetsende mededeling). We werden overigens weggestopt op het legendarische veld 3, waar net als vroeger graspluimen groeiden op een dikke blubberlaag. Op Amstelveen.

Hemeltjelief, wat zit uw schrijvert toch debiel te neuzelen. Hij vermijdt het wedstrijdverslag gewoon, merk je het ook? Dat heeft een reden. Uw zogenaamde wereldsterren lieten elkaar bedroevend zakken en werden met uitzonderlijke billenkoek teruggeschopt naar de Watergraafsmeer: 5-1. “Jij gaat hier dus een verslagje over schrijven?” smaalde een verzuurde stem des Törders. Tsja, ik heb daar nog steeds belachelijk weinig zin in, moet ik bekennen. Maar ja, een zwangere vrouw ziet ook niet uit naar de bevalling. En toch komt die dan vanzelf. Dus vooruit met de typgeit.

Het roodgele leger van veelal verschrompelde ouwe lullo’s tikte het leder soepeltjes rond en zocht voortdurend een directe route richting doel. Na luttele minuten stonden we achterin aandoenlijk te ronken en mocht een roodgele vent van dichtbij vogelvrij de bal inzeiken. “We beginnen gewoon niet scherp. Er zijn er een paar die steeds langs de pot piesen”, luidde de messcherpe analyse van Baresi vanuit onze lelijke dug-out. De 2-0 was een ziekmakende stift vanaf links; mijn welgemeende complimenten voor de uitvoering. Naast me op de bank zat KoenLinks ondertussen hartverscheurend te piepen omdat hij almaar lieveheersbeestjes in zijn ogen had. Op een of andere manier was dat typerend. Die Lange in het Martiniaanse doel verveelde zich bijkans de buiktyfus totdat hij theatraal in botsing kwam met rechtsback Arn, die een gele prent mocht laten bijschrijven. Onze rapper nokte er maar meteen helemaal mee en werd afgelost door Markiemark, die zojuist een imponerende warming-up had afgerond met zo’n fluorescerend hesje om z’n nek. Arn gaf de sippe bankzitters zonder pardon een veeg uit zijn gefrustreerde pan. We moedigden rampzalig slecht aan; geen complimenten, geen applausjes, niks. De geboren positivo deed voor hoe dit wel moest en begon acuut als een manische gek te schreeuwen. “Kom op WV! Ja lekker! Kom op mannen! Ga door, laat je niet gek maken! Ja, kom op WV!” En meer van zulke heerlijke teksten.

De sfeer in kleedkamer 8 was bedrukt met een vleugje strijdbaarheid. Terwijl men van gore chemische limo nipte werd er vastberaden geroepen dat de welbekende beuk er nu eens in moest. Terug in de groene arena bleek die beuk een roodgeel shirt te dragen. We moesten daarop het antwoord hartbrekend schuldig blijven en 3-0 liet kort op zich wachten. We zagen onze Groningse krijger Walter menigmaal grotesk het hoofd buigen en tergend langzaam schudden, zoals alleen hij dat kan. De schelle stem van Kwaksie blonk uit en zijn huidige kapsel is simpelweg te gruwelijk, echt ik ben kapot jaloers. Beetje jammer dat hij weigert noppen onder zijn schoentjes te dragen, want hij gleed als een volleerd kunstschaatser van links naar rechts. De absolute hoofdact werd evenwel opgevoerd rondom het goedgevulde zithokje waar wij die vreselijke gifbeker van een wedstrijd zaten leeg te drinken. Arn stond voor het hok en Tonzel vond dat maar niks. Want Tonzel kon zo niks zien. Hij verzocht zijn gabbert allengs steeds dwingender om te gaan zitten of op zijn minst ergens anders te gaan staan. Maar dat was buiten de uitgesproken mening van Arn gerekend en voordat we met onze nietsvermoedende oogjes geknipperd hadden, waren we getuige van ongeremd kiftende wijven. “Arn! Ga zitten man Jezus! Ik zie fokking niks! Ga ergens anders staan!” baste Tonzel. “Ga weg man, waar bemoei je je mee! Ik bepaal zelf waar ik ga staan!” klonk een geagiteerde Arn. En zo ging dat minutenlang door, zelfs dermate lang dat het niet eens hilarisch meer was. Iedere bemiddelingspoging was gedoemd te mislukken; zelfs Eberhard zou kansloos zijn geweest. Het pathetische scheldpartijtje verstomde kortdurend toen Törder scoorde uit een vernuftig steekpassje van onze verse aankoop Quiri. Voor de oplettende kijker ontlook hier een dodelijke tandem. Nadat de geroutineerde gastheren echter ten vierden male ons beursgeschoten netje hadden laten bollen, pakten onze gekrenkte viswijven hun bizarre discussie weer moeiteloos op. Vergeef me mijn beperkte genderneutraliteit, maar viswijven waren het. Ondertussen doelpuntte Martinus schouderophalend wederom en mompelde Sjulemani diep geschokt: “Is het nou 5-1? Dat vind ik wel treurig.” En treurig was het. 5-1, dat betekent ouderwets huilend naar huis.

Symptomatisch voor het schrijnende gebrek aan blauwe samenhang was het lijpe mysterie aangaande de kleedkamersleutel. Quintus werd er hardnekkig van verdacht deze te hebben ontvreemd in zijn aangename bolide, maar meldde ons telefonisch dat het onmisbare metaal bij de dug-out lag te creperen. Ondertussen knaagde ik bij afwezigheid van deugdelijk vreetvoer aan een zelfmoordpatatje oorlog. Vierentwintig kilo keukenzout hadden ze eroverheen gekieperd. Was kennelijk in de aanbieding bij de Lidl op de Amsterdamseweg. Ik voelde een kransslagadertje dichtslibben waar ik bij zat. Gelukkig hadden Tonzel en Arn elkaar alweer geknuffeld, dus ik zou vredig zijn gestorven als het mijn tijd geweest was. De verlopen iconen van Het Kampioenenteam schitterden overigens door afwezigheid. Ondanks een 3-2 nederlaag vond men het kennelijk veel te gezellig in die ongezellige kantine van AMVJ.  “Jij gaat hier dus een verslagje over schrijven?” smaalde een verzuurde stem des Törders.

 

Gijs Lauret

13 mei 2017: DVVA 6 – WV-HEDW 9 2-1 (1-0, 1-1) na verlenging

Voetbal is oorlog, zei Ome Rinus ooit. Hoewel het tegen een opponent met de fröbelachtige naam DVVA (Door Vriendschap Verenigd Amsterdam) moeilijk atoombommen werpen is, werd het evengoed een duel op leven en dood. De glorieuze overwinnaars zouden namelijk ongezouten kampioen zijn van de derde klasse, en de dieptrieste losers logischerwijs niet. In de geesteszieke bureaucratie van Zeist noemt men zoiets ook wel een beslissingswedstrijd. Precies evenveel punten halen in de reguliere competitie, dan krijg je dit soort merkwaardige uitwassen. En zo’n uitwas vindt dan plaats op neutraal terrein, bij sv RAP aan de Kalfjeslaan in dit geval. Enkel hel en verdoemenis voor de zielige losers? Nog net niet, maar het scheelde weinig. Want om na een geweldig gare nederlaag in de wedstrijd van je leven op de eerstvolgende dinsdag in de nacompetitie om promotie te moeten aantreden, dat gun je je gruwelijkste vijand niet. Alles ervoor doen dus, en nog meer ervoor laten. Vroeg naar bed, broodnuchter, handjes boven de dekens, vrouw verplicht op de bank slapen. Alles zodat ze de wedstrijdroutine niet verstoort. Met haar eindeloze geneuzel over het songfestival. Oogjes dicht. Focus. Visualiseren. Oogstrelende goals voor WV, gele hipsters aan het spit.

Naar verluidt hadden onze gele sojamelkliefhebbers van Drieburg grote moeite om een representatief zooitje mafketels richting Het Loopveld te krijgen. Er werden zelfs blinde paniekaankopen gedaan. Zo vernam ik uit loslippige bron dat men Rens Weijers had opgetrommeld, een nogal onverstoorbare figuur die door zijn verwarde trainert ooit “in potentie de beste speler van de hele tweede klasse” genoemd werd. Ik ken de potentiële superstar vooral als een brave veertigjarige huisvader van hockeyende dochters, en in zijn schaarse vrije tijd is hij vergadertijger bij een of andere semimilieuvriendelijke energiemaatschappij. Maar dit alles uiteraard geheel terzijde. Uw prijsgeile vedetten beschikten over een vlindermesscherpe selectie. Een selectie met honger alsof er wekenlang enkel rijstwafels gevreten waren. Aldus maakten we ons op voor een Watergraafsmeerse derby op de Amstelveense grens. Quel affiche!

De herentoiletjes werden door beide equipes gretig bezocht. Ome Tomba en ondergetekende volgden nauwlettend wie er allemaal naar binnen gingen en hoe lang dat duurde. Volgens ons had er niemand gepoept. DVVA’s topscorert gluurde ons doodsbang aan en vroeg met trillende stem of we soms in de rij stonden; geenszins, hij had vier stinkende plees voor zichzelf. Het is wat hè, die finaleangst. De kleedkamer was zwanger van wedstrijdspanning, welke resoluut werd verdreven met zenuwachtige giecheltjes en tijgerspray in de liezen. Kapitein Wes de Viking sprak zijn gladiatoren toe: “Vandaag is onze Europa League finale. We kunnen sowieso fakking trots zijn dat we hier staan, maar nu wil ik godverdomme winnen ook.” Waarna een ellenlange wirwar van tactische spitsvondigheden volgde. Gebrabbel over intensiteit en hoog druk zetten. Petertje Bosz zou ervan watertanden. Törder daarentegen kreeg er jeuk van en liet dat op Törderistische wijze blijken: “Zullen we nu stoppen met lullen en lekker gaan voetballen?”

Ons werd het ku(ns)tgras toebedeeld, terwijl op het hoofdbiljartlaken een prutswedstrijd plaatshad tussen tweeëntwintig schandalig arrogante personen die zichzelf kennelijk belangrijker vonden dan een beslissingswedstrijd om het kampioenschap. Gelukkig was daar onze tophooligan annex achtsterrenkok met een knetterlijp Bengaals vuur om de troosteloze ambiance de hemel in te pimpen. Dat hij nu een levenslang amateurvoetbalterreinverbod in zijn mik krijgt, neemt hij met liefde op de koop toe. Zo zijn echte fans, toch? Scheidsie en zijn twee officiële KNVB-grensies (het moet niet gestoorder worden, mensen) checkten alle pasjes in de middencirkel. Als vluchtelingen op een Grieks eiland werd men een voor een in de ogen getuurd. Waarbij die blonde DVVA-marinier kennelijk genoeg weghad van die gozer op het pasje. Volgende formaliteit: netjes in teamverband op een rij gaan staan. Het was een mooi geluid, het herhaaldelijke geklats van de handen die elkaar (weliswaar ongemeend) succes wensten.

De eerste balomwentelingen beiderzijds waren ontzettend finaleachtig: retenerveus. Grensie was enorm ernstig met onze dug-out in de weer. De ganse goegemeente moest uiteraard in het gemarkeerde coachingsvak blijven en moest zitten bovendien. Met één uitzondering: “Alleen de trainer mag staan!” Sindsdien ben ik dus trainer. WV koesterde een licht overwicht, waarbij de gele hipstercounter als een dodelijk roofdier zijn kans afwachtte. Quintus scoorde geel voor worstelgedrag, terwijl de overbodige lange haal naar voren tomeloos in zwang was. Er volgden enkele spannende kopacties uit cornertjes, maar dat was het wel. Tot dat ene afgrijselijke moment in minuut 33 waarop een zekere Sylvain Dijkshoorn, zeg maar de Törder van DVVA, de benedenhoek vond: 1-0. Dat was eventjes behoorlijk poes met peren zullen we maar zeggen. Herr Walter ving een domme prent voor shirtje trekken en huilde wanhopig “Ik moest toch wel!” nadat hij hierop zeurderige commentaartjes van medespelers ontving. Ons bestaan viel waarachtig niet mede. Törder zat aan de metalen ketting bij een zekere veertigjarige huisvader en vooral bij Haarbandmans, diens sterke kompaan centraal achterin. Kassie daarentegen dartelde prettig over rechts, maar een punt drukken? Ho maar.

De Viking begon zijn rustbabbel met honderd procent realiteitszin: “Oké. 1-0 achter.” Daarop volgden zalvende woorden van menigeen waarin veelal werd benadrukt dat er niks aan de hand was. Echt niet. Ons skyhighe zelfvertrouwen werd verder opgekrikt door de introductie van onze Geliefde Leider. Kim Jos-un verving Quintus, die immers gigantisch geel zag. Al vroeg moest Betomek gestrekt richting bovenhoek, wat de katachtigste aller doelwachten uitstekend is toevertrouwd. Ons tot dan flubberige spel won zienderogen aan geestkracht. Benna creëerde een eerste kans dankzij eigen vastberadenheid, maar kreeg het leer van dichtbij niet door de doelman heen. Een strakke vrije trap van Törder bracht hemelse verlossing. Kapitein Roodbaard hing majesteitelijk ongedekt in het Amstelveense luchtruim en knikte: 1-1! Hondsdolle vreugde. Betomek kwam als een Onana uit zijn hok sprinten en gaf de platonische blauwe orgie Pools cachet. Waarna we een immense ontploffing hoorden die je doorgaans alleen in het Midden-Oosten hoort. Welke sensatiebeluste hooligan was dit nu weer? Er is slechts één verdachte. De gelijkmaker bleek het mentale tikje in de juiste richting. DVVA’s kleine vurige middenvelder knalde onze Tarzan hoorbaar onderuit. Rugnummers hadden de armetierige hipsters niet, maar zijn signalement had scheidsie blijkbaar goed onthouden: tweede geel voor de donkerharige jongeman. Elf tegen tien. Scheidsie zat er sowieso tamelijk kort op, en al helemaal bij onze dictator. Onze kleine tiran viel meesterlijk in en baasde in zijn duels. Ondanks zijn lagere schoolgewicht van tweeëndertig komma vier kilo werd hij meermaals door scheidsie afgefloten vanwege fysiek spel. Dit verdient wat mij betreft de kwalificatie ‘bizar’. Uw blauwe superidolen drukten de gele ventjes ferm achteruit. En als er al kortstondig teruggedrukt werd, werd dat koninklijk geneutraliseerd door Wes of Faas, die meesterlijk verdedigden. Walter onze babbelzieke knuffelduitser werd afgelost door Markiemark als linksachter en de moegestreden Benna door sprintkanon Smelvin. Laatstgenoemde werd in de laatste minuut in ziekelijke scoringspositie naar de grond gewerkt. Scheidsie echter had zin om wereldwegwuifkampioen te worden en werd dat dus ook, stante pede. Wanhopig schreeuwen en lullen met grensie hielp ook al niet. Diens veelbetekenende commentaar luidde namelijk: “Hij wuift het weg, je kunt het zelf zien, hij wuift het weg.” Dat konden we inderdaad zelf zien.

Verlengen dus. De volle zon deed zijn gloeiende intrede en het kutgras broeide. “Nak ze jongens!” riep een loslopende gek achter het hek. En daar ging WV 9, vastbesloten om ze te nakken. Sinds zijn goaltje was Roodbaard buitensporig opgebloeid. Zijn schitterende nakpoging eindigde onderkant lat. Er werd gesmeekt om doellijntechnologie, maar niemand keek op zijn horloge. Hoefde ook niet, want hij zat niet. Scheidsie was ondertussen gepassioneerd zijn nieuwste hobby aan het uitoefenen: allerhande toeschouwers verordonneren dat ze achter het hek moesten staan in plaats van naast de dug-out. “Wegwezen!” riep hij er heel standvastig bij. Dan vind ik ‘Wilt u alstublieft oprotten, klootzakmeneer’ toch vriendelijker overkomen. Gebiedende wijs klinkt altijd zo ruw. Maar dat was niet het ergste. Alsof we nog niet gezamenlijk aan stress waren gestorven, volgden er twee misselijkmakende scrimmages in de DVVA-vijfmeter. Kansen die aan de eerste de beste pasgeboren herdershond waarschijnlijk wel besteed zouden zijn, maar nu in vijf instanties werden gemist. Topsupporter Tonzel klapperde als een Rotterdamse neanderthaler met de plastic klep van een verdwaalde afvalbak om zijn helden moed in te dingesen. Baresi verving rechtsachter TvT, klaar om in geval van pingelserie zijn strafschop door het net heen te rossen. Maar alsjeblieft geen pingels. Scoor gewoon. Please. Dat gebeurde in minuut 120. Ons leven verwerd tot moeder aller nachtmerries. Een fatale hipstercounter. Spitsie schepte de bal met links deed dat fantastisch. Met z’n twee vette oorbellen ja, godverdegodverdepleuris. Gillende en springende sojamelkdrinkers. Klaar. Uit. Over. Hel. Verdoemenis. Huilen. Niet kúnnen huilen. Alles. Niks. Zelfverwonding! Polsen snijden. Dood. Honderd paracetamollen tegelijk innemen. Anders iets slopen misschien? Wat dan ook. Intens zure druiven. Ongekend kut met knoflooksaus. De voetbalgoden pisten ons recht in de bek, anders kan ik het niet verwoorden. Ach laat ook maar. Gefeliciteerd, gele hipsters! Jullie zijn kampioen. Baardmans is trots en houdt van jullie. Maar stiekem ook van ons, lekker puh.

“Wil jij een likje, papa?” Mijn jongste kwam op me toe met haar Raket-ijsje en verzorgde hiermee de aftrap van Het Grote Relativeren. De gedachte dat het in de tweede klasse helemaal niet zo leuk ballen is met een team waarvan de basisspelers nooit trainen, want zo’n team zijn wij, hielp ook al een tikkeltje. Ons ondraaglijke leed werd verder verzacht door een vloeiende stroom alcoholische versnaperingen, verschrikkelijk gore frikandellen, door het spelen met de gedachte om collectief van het Hilton te jumpen en toen we daarvoor toch te laf bleken gingen we maar uitjanken bij WV. Aldaar viel clubheld der clubhelden Ron Heijne ons half huilend in de armen en werden we heerlijk geknuffeld door Ria. Mirek keek ons doordringend aan. Zijn mond zei niets, zijn ogen zeiden ‘Nee’. We zagen het leven alweer een heel minuscuul klein beetje zitten, niet in het minst door de goddelijke tunes van onze eigen DJ Tonzel. Gotta love that guy. O ja en dinsdagavond begint de nacompetitie, uit bij Argon. Voor de ware diehardsupporter is dit dé kans om je te onderscheiden. Kom je gezellig naar Mijdrecht?

 

Gijs Lauret

29 april 2017: WV-HEDW 9 – Swift 5 2-1 (1-1)

Het was nagelbijtzaterdag. Sorry hoor menson, maar anders kan ik het niet omschrijven. Het was zo verrekte teringspannend dat ik de hele week neigde naar ongeremd bedplassen. Ik zal je een hoogstpersoonlijke minisamenvatting geven van de mogelijke scenario’s. Niet te uitgebreid en al helemaal niet compleet, dat begrijp je wel. Daar word jij namelijk hondsdepressief van en ikzelf haak halverwege af. En dat moeten wij allebei niet willen. Dus. Uw belegen supersterren van WV 9 stonden in verliespunten exact gelijk met de gele hipsters van DVVA 6. Een wedstrijdje meer gebald, dus ook drie mierzoete puntjes meer dan die gele lullo’s. Die gele studentjes moesten op de thee bij de opgefokte bromsnorren van Fortius, wat een gevaarlijk hete lunchvoorstelling beloofde te worden. Helemaal als scheidsie de glorieuze rol van twaalfde man zou opeisen. Alle kans op een zotte uitglijder van de gele ventjes dus. Het potje tegen de verwende zuidaskakkers van Swift was onze allerlaatste reguliere competitiewedstrijd. Al deze voorinformatie leidde tot de volgende conclusie: ieder scenario waarin WV 9 vandaag meer punten zou sprokkelen dan de gele Henkies betekende een tweede titel op rij. Van vierde klasse naar tweede klasse in één jaar tijd. Hoe woest aantrekkelijk is dat? Ik vind dus dat je best in je bedje mag plassen bij die gedachte alleen al.

Omdat wij voor een onsje competitievervalsing onze slinkse neus niet ophalen, begon ons eventuele kampioensfestijn pas nadat het wilde treffen tussen de gele persoontjes en warmgebakerd Fortius was afgelopen. En wild werd het. “Godverdomme man! Gaan we nog wat doen of hoe zit dat?!” riep de woedende keeper van de zinloze gastheren hysterisch. Die gozer z’n kapsel is trouwens volstrekt uniek, maar dat terzijde. Aldus leidden de gele sojamelkdrinkers halverwege met een belachelijk comfortabele 0-4. Waardeloos Fortius gaf een beschamende masterclass in verdedigend stilstaan en hield zich qua keekjes uitdelen opvallend in. En die gevaarlijke dikke spits deed ook al niet mee. De gele knakkers sneden als stanleymesjes door boter die te lang in de zon heeft gestaan. Namens WV 9 had driekwart elftal de moeite genomen om twee slootjes te trotseren en deze ellendiepe ellende te aanschouwen. “Ik ga een klacht indienen omdat die scheids nu niet z’n best doet en tegen ons wel. Dat is niet eerlijk”, dreigde er eentje. Enorm logische redenering natuurlijk. Hoe dan ook, na 0-5 hielden uw mentaal gediste vedetten het voor gezien. We staken de stinkende sloot over en aanvaardden het lange wachten bij WV. Nog anderhalf uur tot Swift.

We zagen liefst zeventien krolse blauwhemden rond de zestien staan, van wie de baardigste een op het oog vrij tam besprekinkje hield. Tenminste, zo zag het eruit van dertig meter afstand hè, misschien ging het er eigenlijk wel hartstikke ruig aan toe. Dat een zekere roadrunner uit Noord heimelijk stond te gapen, doet anders vermoeden. De blije doelwacht van zondag 1 was in ieder geval present. Betomek leed kennelijk aan slappe knietjes en was uitgerekend nu met zijn lieftallige gezin naar Polen gevlucht. De vervaarlijke zuidaswankertjes van Swift voorspelden een heftige kluif. Zij verkeerden immers in blakende bloedvorm en roken standvastig aan een periodetitel. Hun allerlaatste verlies leden zij in november jongstleden, uiteraard tegen uw heerlijke helden. “Geloof je erin, Mirek?” vroeg ik mijn idool in het voorbijgaan. Het was uiteraard faliekant zinloos om zijn antwoord af te wachten, maar ik deed het toch. “Nee”, baste hij zonder om te kijken.

Met een geel mannetje of tien had DVVA een alleszins respectabele afvaardiging naar kunstgras 2 gezonden. Zij werden opgeschrikt door het gouden buitenkantje van Tarzan, die Kassie bediende. Kassie, overigens getooid met een volkomen DVVA-waardig hipsterbaardje, buitenkantte de bal achteloos in het kruis: 1-0. Collectief WV-orgasme. Voor het overige was het eerste bedrijf veelal een knetterend fysieke exercitie waarin de metalen kleerkasten van Swift tamelijk lekker rendeerden. Druk zetten ging zo beroerd nog niet, maar in balbezit oogde het haast als patat bakken zonder frituurvet. De ultieme noodgreep van de bal op het dak werd zo’n zeven keer gehanteerd, waarna onze Sjulemani steevast als een dolblij kwispelend hondje via het elektriciteitskastje bovenop de bestuurskamer klauterde. Zestien en een kwart miljoen prima besteed. Het fysieke spel viel Ome Benna bepaald niet mede: “Het is gewoon vrij worstelen man”, mopperde hij en maakte een ouderwetse tjoerie. En plotseling ontwaarden we de bodem van onze mentale put. Een vrije trap werd bruut in de hoek geramd: 1-1. “Ja, nu ga je ineens heel anders de kleedkamer in”, somberde een psychisch geknakte kenner onder ons.

In onze ietwat overspannen verkleedstal bleken de onbetaalbare quotes weer ruim gezaaid: “Kom op jongens, ik heb het idee dat we nog niet wakker zijn gewoon, Jezus! Doe niet zo angstig allemaal!” en “Ze hoeven vandaag echt niet mooi hè, als ze er maar in gaan!” en “We zijn voorin echt te lief”, en “Die DVVA-klootzakken zitten ons gewoon uit te lachen daar langs de lijn, rot op man, we gaan ze helemaal kapot maken!” En dat alles in een bedwelmende tijgerbalsemlucht. Wie dan nog niet geïnspireerd is om een beukende tweede helft op de mat te leggen, kan er net zo goed meteen een eind aan maken.

Quintus, wiens kapper aan z’n krullenbol te zien nog steeds hartstikke dood was, werd vervangen door Kim Jos-un, wiens recente kernproefjes de withemden doodsangsten moesten inboezemen. Was KoenLinks aanwezig? O maar natuurlijk. Hij is een serieuze prof en liep warm. “Koen, ga je erin?” werd hem gevraagd. “Geen idee”, antwoordde hij gortdroog. Ondertussen waren uw opgezweepte favorieten fijn assertief aan helft twee begonnen. Dit resulteerde in een innige omhelzing van Törder met zijn breedgebouwde tegenstrever. De intens knuffelende kemphaantjes wankelden de Swifter zestien binnen, alwaar Törder ter kunstgras ging. Penalty. Vele intens nijdige Zuidassers flipten de wokpan uit, maar scheidsie Willem vaart al decennialang zijn eigen koers en liet dit op voor hem kenmerkende wijze horen: “Ik fluit voor wat ik zie en daar bemoeien jullie je eigen NIET mee!” Hij bewoog beide handen met een heftig gebaar uit elkaar. Precies zo’n gebaar waarmee je jengelende kleuters laat weten dat het nu afgelopen moet zijn. Zijn grijze staartje danste op zijn achterhoofd. Törder nam ruim tijd om de stip te leren kennen, terwijl zenuwlijdende Swiftmensen voortdurend “Scheids, hij ligt ernaast!” schreeuwden. Een snerpende fluit, een zelfverzekerde aanloop, een hard en gemikt schot in de rechterhoek. 2-1. Vreugde. We hadden weinig engs te duchten van de grote witte mannen, hoewel Roodbaard de enige gele prent incasseerde na een ordinaire pootjeshaakactie. En onze bevlogen invalkeep trad ten enenmale handelend op in een benauwende één-op-één situatie. Onze winnende helden deden in het laatste kwart hun uiterste best om hun bewonderaars langs de kant aan een serie gruwelijke clusterhartverlammingen te laten bezwijken. Invaller Sjulemani en Törder misten de meest oogstrelende kansen op een Swifter nekslag. Edoch, iedereen leefde nog toen de fluit klonk. Zo ook KoenLinks; hij was inmiddels goed warm.

Er werd gerend, gesprongen, omhelsd en meer van zulke impulsiviteit. “FINALE! FINALE!” brulde neorechtsback TvT op z’n allerneanderthalerst door de Watergraafsmeer. Dit, beste lezer, zal ik u kort uitleggen. Je kunt denken dat zo’n TvT een primitieve gek is die gewoon maar wat onzin uitkraamt. Welnu, dat is beslist niet het geval. Het kwam er misschien een beetje wild uit, maar over de inhoud van zijn tekst had hij terdege nagedacht. De verwachting is namelijk dat de gele hipsters hun laatste competitiewedstrijd tegen tennisvereniging VVGA eenvoudig in winst zullen omzetten. Dit betekent dat zowel DVVA als WV op 48 punten zal eindigen, waarna een beslissingswedstrijd zal uitmaken wie zich tot kampioen kroont. Zodoende: finale. Er werd een gezellig flessie Moët Chandon, aangesleept door een zekere heer Broekman, ontkurkt ten behoeve van een voorbarig feestje. Tegelijkertijd gingen de overgebleven DVVA-hipsters in betrekkelijke stilte huns weegs. Ik weet trouwens niet wat jij gaat doen, maar ik ga vannacht eens even lekker in m’n bedje pissen. Doei.

 

Gijs Lauret

4 maart 2017: WV-HEDW 9 – JOS/Watergraafsmeer 3 1-2 (0-2)

Die godsoverheerlijke superstars van Het Vijftiende hè, die tegenwoordig het negende vormen, die onaanraakbare wereldvoetballers die ik al jarenlang verafgood, die schitterende vedetten met wie ik talloze malen op verlopen groene akkers mocht grazen met ergens tussen ons in een bal, die fantastische jongens die ondanks hun wijdverbreide heldendom zo normaal zijn gebleven, wier volmaakte jongeheren mij dikwijls aanstaarden in menig verrot kleedlokaal met aanpalende legionelladouchecabine, die onbetaalbare gasten hè, weet je wat die zijn? Luie klotenklappers zijn het, notoire werkweigeraars. Er kwam namelijk weer geen hond trainen woensdag.

Zo, dat is eruit. Over naar de waan van de zaterdag. Ons hitsigste buurmeisje JOSje zou langskomen. En dat is heftig, want met JOSje weet je dat het billenknijpen wordt. JOSje is altijd in voor een brute bitchfight, getuige de verrassende waarheid dat ze al sinds 5 november niet meer verloor. En dat ondanks haar treurig lage klassering. Waren uw lamlendige cracks er klaar voor? Na een krampachtige bevalling overwonnen zij kortgeleden toch nog TOG, dus het moest kunnen. Via een opgewonden teamapp werd, na de vertrouwde pisbakfoto’s van vrijdagavond, ouderwets om paracetamolletjes gesmeekt. Dat beloofde veel goeds.

Het zwartste rampscenario ontvouwde zich: JOSje greep ons direct bij de billen, kneep tot ons hulpeloze vlees alle regenboogkleuren had en liet niet los. “Zijn we nou heel scherp uit de startblokken of valt het wel mee?” luidde het retorische commentaar van de immer genuanceerd analyserende Sjulemani. De knalkale Jonjo Shelvey had bij JOSje een basisplaats en joeg het leder met licht fortuin in Everts winkelhaak. Hij zwaaide met zijn priemende vingertje, als het ware om de 0-1 te bevestigen. Een en ander was het natuurlijke gevolg van lethargisch broddelwerk onzerzijds. Enkel onze poortwacht Tom Krul bood, vergezeld door een giftige Herr Walter, een luttel greintje weerstand. Het hielp geen malle zier. Uit een rare kopbalpaalcarambole doelpuntten de ontketende bezoekers wederom: 0-2. Benna krabde nog eens aan zijn lijvige toges en voelde dat deze beurs was. “Kom op WV! Kap eens met dat slappe gepijp!” brulde een gefrustreerde ziel vanuit onze ingeslapen dug-out. Waar het hartje van vol is, schreeuwt de mond over. Al maandenlang niet gepijpt dus. Zo was het belabberde spel sowieso inferieur aan fraaie quotes. “Als het niet goed gaat klagen we als bitches de hele tijd jongen! Wat de fak man!” foeterde Kwaks verbijsterd. Hij vond weerklank bij Ome Tonzel, die van foeteren sowieso niets moet hebben: “Ja! Doe gewoon aardig en leuk tegen elkaar!”

Het was allemaal aardig en leuk, maar het stond ontzettend 0-2 bij rust. Wes de Viking kuchte hartverscheurend en sprak, met het piepstemmetje van een miserabele verkoudheidslijder, spijkerharde woorden. Hij introduceerde het kamikazemodel: vier spitsies, Kwaks voorin erbij. Hoewel we JOSje eindelijk enigszins bij de billen hadden, stapelden de kansen zich geenszins op. Kwaks bracht, mede dankzij zijn machtige kontkracht, prima balvastheid en scoorde nagenoeg. Tarzan stuitte op de rondborstige keep, terwijl radeloosheid welig tierde. Törder scharrelde anoniem rond en zag meer rubbergranulaat dan bal. De wissel van onze Arn vergrootte in ieder geval de positiviteit langs de lijn: “Kom op WV, we kunnen dit! Kom op, we hebben er vaker twee gemaakt heren! Kom op, lekker voetballen!” Toen hij ongewild de cynische lachers op zijn hand kreeg, trok zelfs onze beroepspositivo het niet meer: “Het zou leuk zijn als jullie dit ook eens deden”, bitste hij teleurgesteld. Terwijl een uitgeteld JOSje met meisjeskrampjes op het nepgras lag, dook sneaky Smelvin op in niemandsland en drukte af: 1-2. Onze veertigduizend seizoenkaarthouders zetten ter aanmoediging een oorvernietigende geluidsorkaan in, maar scheidsie dacht er het zijne van en blies. Waarom ook niet, het was ruimschoots half vijf. Waarna de wijsneuzerige speakert ons een laatste zetje richting mentaal ravijn gaf door om te roepen dat we nu de periodetitel verneukt hadden. Ook dat nog. En bedankt hè. Let’s kill the messenger, wat een kutleven. “Ik wil niet egocentrisch klinken, maar als ik een offday heb wordt het gewoon heel lastig”, fluisterde een ontgoochelde Törder. En zo is het. Een vervelende realiteit. Onze Dr Phil keek er mistroostig bij. Hij lijdt aan hardnekkige heuprot, ook een vervelend iets in het leven. Des te beter vergaat het Markiemark, trots vader van de nuljarige Abe. Abe, dat zou best een geschikte voetbalnaam kunnen zijn.

 

Gijs Lauret

Boekpresentatie ‘Het Vijftiende’

Via onderstaande link vind je de enige echte originele beelden van de boekpresentatie van ‘Het Vijftiende’ op 7 januari 2017.

4 juni 2016: WV-HEDW 10 – WV-HEDW 15 4-2 (1-1)

WV-HEDW 10 - WV-HEDW 15 2Hee! Jij daar, ingeslapen lezer, jij dacht dat ons briljante kampioensseizoen al wekenlang dood en gecremeerd was? Tuurlijk niet joh! Totale gek dat je d’r bent. Je rekent buiten die heerlijk heikneuterige Springer Cup, dat intieme WV-onder-ons-toernooitje waarin stomdronken korfbaluitslagen de norm zijn. Behalve onvergankelijke clubroem staat er geen kloten op het spel. Want prijzengeld ho maar hè. In de eerste twee gezapige partijtjes van dit genoeglijke bekertoernooi werd gierend en brullend gezegevierd tegen zondag 1 (7-1) en zaterdag nog wat (8-4; slechts zeven goalen van Törder geloof ik). Over dat laatste goalfestijn appte KoenLinks begrijpelijkerwijs de iconische tekst ‘geen idee waar ik naar gekeken heb’. Korfbal, lieve jongen. Korfbal. Verder werd zelfs een vriendschappelijk knuffelwedstrijdje gewonnen van het eerste zondagelftal van Kneuzen Middenmeer (3-2). Waarom hierover geen legendarisch heldenepos is getypt? Ja sorry hoor mensen. Je ken niet alles hebben. Ik was er niet en had na deze mentaal slopende jaargang een lichte schrijfburn-out. Potverdriepielekens, mag dat ook eens? En de rest van onze aartsluie selectie heeft nog nimmer één fakking letter opgeschreven, die bolle indo KoenLinks uitgezonderd. En Waltertje ooit. En Tonzel, maar die moesten we gigantisch bedreigen om hem daartoe te bewegen.

Enfin, genoeg geweeklaagd over mijn schrijfschuwe ploeggenoten. Het zijn immers enorme lieverds. De lieverds mochten zich meten met het tiende. Let wel: dit betrof het ambitieuze bazenelftal dat ons vorig jaar in de halve finale genadeloos de das omknoopte. We begonnen in de ontspannen wetenschap dat een armetierige puntendeling voldoende zou zijn voor glorieuze poulewinst en dus een kwartfinale. Een zwaar hypothetische kwartfinale trouwens, want vanwege ons nakende teamhengstenbal in Portugal, welk tijdens het beruchte Springer-finaleweekend plaatsheeft, ballen we die niet eens.

WV-HEDW 10 - WV-HEDW 15 1Als een ware supporter zag ik vandaag amper een ruk van de wedstrijd. Rond minuutje 74 kwam ik eens van m’n bejaarde fiets rollen geloof ik, met zo’n zaaddodende telefoon aan m’n oververmoeide oor ook nog; belachelijk en ordi als de pest. In de kurkdroge loeihitte op kunstgras 2 zag ik supersub Melvin (niet die mythische zanger van Jiskefet) een traag piesballetje erin rollen. Kennelijk was dit 2-2. Twee droge lentescheten later had elftal 10, getooid in old skool fluorescerende stinkhesjes, alweer gescoord. Wat er precies gebeurde mag maffe Henkie weten, maar het zag er sowieso pleurisdom uit. De 4-2 was een stukkie mooier. De willoze Derbystar werd strak naar de binnenkant des paals gestuurd. Tegen zulke buitenaardse schoten had zelfs onze pingelpakpool geen verweer, ondanks zijn fantastisch opgeschoren kapsel. Aldus stuiptrekte de boel zich naar einde seizoen. Maar wat is een middagje WV 15 zonder een openlijke tijdstrafsollicitatie van Herr Walter? “Stel je niet zo aan man”, fulmineerde onze withuidige semiduitser na zijn eikelige overtredinkje tegen een gekrenkt haarbandjongetje. Waarna een beetje peuterspeelzaalduw- en trekwerk volgde. De eensluidende conclusie langs de lijn was dat Walter van mening moet zijn dat de combinatie haarbandje met kort haar is voorbehouden aan hemzelf. Van deze gast kon hij het duidelijk niet hebben. Tot slot is de grootse wereldprestatie van KoenLinks vermeldenswaardig. Hij intimideerde Jesse Stroomberg, voormalig superster van zaterdag 1, finaal de wedstrijd uit. Jesse zag Koentje staan, werd door diens afschrikwekkende aanblik alleen al driedubbel gemindfuckt en prutste vervolgens iedere breedtepass de zijlijn over. Nou lieve menson, dit was het. Tof seizoentje hadden we.

 

Gijs Lauret

7 mei 2016: Buitenveldert 4 – WV-HEDW 15 1-4 (1-1)

Buitenveldert 4 - WV-HEDW 15 07-05-2016 1Na de collectieve alcoholvergiftiging ten gevolge van de teleurstellend platonische kampioensorgie restte ons nog één nietszeggend competitietreffen. In ziekelijk tropische omstandigheden trokken we naar De Boelelaan, alwaar de balverliefde kereltjes van Buitenveldert ons opwachtten. U weet wel, recht tegenover dat gedrochtelijke hoofdgebouw van die levensmoede Vrije Universiteit. De seizoensouverture, inmiddels een half cavialeven geleden, werd met schuim op de afgepeigerde smoelen ternauwernood gewonnen van deze roodblauwe figuren. Een oneindige waslijst aan valide redenen dus om dit slotduel immens serieus te benaderen. Vandaar de belachelijke feestopstelling die uit Toivonens melige hoge hoed tevoorschijn kwam. Topscorertje en assistkoning glorieerden centraal achterin en onze noeste mannetjesputters Kamphuijs en Tomba schitterden als onhoudbare buitenspelers. Een ware verademing; eindelijk fatsoenlijke steun voor aanspeelpunt Tonzel, die in zijn rug onze sluwe spelverdeler Baresi wist.

Buitenveldert 4 - WV-HEDW 15 07-05-2016 2Het zuurstof opslurpende kunstgras maakte de kurkdroge bloedhitte zelfs verstikkender dan ze al was. Ultiem dankbaar was ik voor de muzikale ondersteuning door Kamphuijs’ extreem relaxte reggaesoundjes. Bob Marley rockte Spotify als een malle gek. Ik probeerde met een van pleuriswarmte wegkwijnende medetoeschouwer een slaapverwekkend potje stilstaand zombievoetbal te volgen. Maar de hete underpantsupporter naast me was vooral druk met het uittrekken van zijn veel te warme broek. Ondertussen rauwdouwde Tomba zich langs vierenhalve man en knalde bruut tegen de dwarsligger. Terwijl de overvliegende traumaheli vermoedelijk onderweg ging naar een onheilsplek waar een per abuis gedrieëndeelde gast aan elkaar genaaid moest worden, zaten wij van een aanmodderend kampioenselftal te genieten. Hoe wrang is dikwijls de harde realiteit. De afgesproken drinkpauze na twintig minuutjes was geen luxueuze overdrijving; alle rood aangelopen koppen vroegen non-verbaal doch massaal om het sacrament der stervenden. Terwijl scheidsie met z’n strakke groene broek en chille slippertjes nonchalant door de middencirkel drentelde, knalde Kassie van dichtbij een verdediger een derde bal in diens zak. Het onfortuinlijke slachtoffer was zienderogen bezig zijn vruchtbaarheid te verliezen, maar Faasje had daar dikke maling aan. Hij scoorde strak in de korte hoek. De bij wijlen technisch vernuftige gastheertjes hadden evenwel een overtuigend antwoord paraat. De flegmatieke nummer tien poeierde het leer genadeloos heerlijk in Evert ten Napels winkelhaak: 1-1. Aldus bereikten we, sommigen meer overleden dan niet, de rust.

“Ik vond vlaggen wel prima hoor, ik hoef er ook echt niet meer in!” hijgde een kreeftrode Kim Jos-un, die zelfs geen energie meer over had voor een ondeugend atoomproefje. In de kleedkamer ontvingen we van die gore knalroze limo waar ieder weldrinkend mens riekende braakselbergen van kotst. Deze misselijkmakende zurigheid werd ruimschoots gecompenseerd door de Surinaamse kantinekeuken. Tegen een dampend rotirolletje zeg ik namelijk zelden nee.

Buitenveldert 4 - WV-HEDW 15 07-05-2016 4In het tweede bedrijf opereerden we met een gebruikelijker opstelling. Eeuwig zonde, want ik heb gigantisch de indruk dat een Törder als onverschrokken ausputzer heel speciale extra’s kan brengen. Nu fungeerde hij als gulle gever bij een keurig uitgespeeld goaltje van neolinksbuiten Toivonen. Grensie stuipte z’n vlag omhoog, maar deze ladderdwaze zonnesteekactie was aan scheidsie niet besteed: 1-2. De werkelijke verhoudingen openbaarden zich. Roodbaardje bediende Törder met een subtiel steekpassje. Onze goalhongerige surrogaatduitser draaide drie rondjes om het tollende keepertje alvorens zachtjes af te drukken: 1-3. Veel meeslepends gebeurde er verder niet. We bleven kapotgaan door de tropische temperatuurtoestanden, terwijl Bob onverstoorbaar doorswingde. Scheidsie had z’n slippers uitgedaan, Tomek participeerde in het wereldkampioenschap paalleunen en bij gebrek aan een normale vlag grensden we met een lichtblauw vodje. En Tarzan krulde Buitenveldert 4 - WV-HEDW 15 07-05-2016 3van vijfendertig meter beestachtig raak. Keepie was grassprietjes opsporen bij de cornervlag en zodoende weerloos tegen deze briljante reclame voor het edele voetbalspel. Een reclame die overigens mede mogelijk werd gemaakt door de gloednieuwe kicksen van KoenLinks, die deze magische schoenen impulsief had uitgeleend. Tarzan zoekt immers nog steeds z’n voebeltas na vorige week. Zo beëindigden uw amateurvedetten de smakelijke jaargang 2015-2016 met een reguliere driepunter. Er wacht nog een exclusief WV-feestje: die jolige Springer Cup. Op naar een historische dubbel?

 

Gijs Lauret

30 april 2016: WV-HEDW 15 – FC Amsterdamse Bos 3 2-1 (1-1)

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 1De vlegelige shoarmabuikmannen van Amstelveen/Heemraad 5 verzuimden afgelopen week beschamend hun sportieve plicht tegen ondeugend RAP. Door deze stiklelijke uitglijder van onze theoretische concurrent werd uw blauwe vedettenensemble spontaan kampioen zonder te spelen. ‘Godverdomme’, tierde een laaiende groepsapp direct. Evenals: ‘Zo hoeft het van mij niet’, ‘Kom we trekken ons terug’ en ‘Dit is pas echt kut kampioen worden’. Waarna de gare zuurpruimerigheid werd verdreven door een passende hallelujastemming: ‘KAMPIOENUUUUUUUH!’ Hoe dan ook werd de voorgenomen feestwedstrijd tegen onze Amsterdamse Bosjesmannen (het voormalige ABN/AMRO) gedegradeerd tot een niemendal om des keizers stinkende stoppelbaard. Eigengereide weergoden dreigden met langdurig hemelgezeik deze totale nikswedstrijd ook nog te laten afgelasten. De doelmonden oogden namelijk als zompige oorden waarboven 23.000 Pampers vakkundig waren uitgewrongen. Een paar droge vrijdagavonduurtjes deden echter wonderbaarlijke wonderen. Ons dikwijls beklaagde hoofdveld lag er uiteindelijk prima lekker bij.

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 2Terugdenkend aan de geestesgestoorde heenwedstrijd kwamen bij mij traumatische visuele beelden bovendrijven. Aan de binnenkant van mijn ogen ontwaarde ik ongeleid rondvliegende kotsstralen, een dromerige pingelpakpool met ongewoon vreemde fratsen en een toenmalige Opperste Leider Kim Jos-un met een lulbiertje in zijn zelfingenomen lulslokdarm. En drie zwaarbevochten punten, gelukkig. Waar toentertijd een onverhoedse spelerschaarste dreigde, konden we bij de kampioenswedstrijd allemaal ineens wel. Plotseling geen zielige werksmoesjes, geen gedwongen bezoekjes aan teringingewikkelde schoonouders en geen jarige huisdieren die extra aandacht moesten hebben. Heel apart. De uitpuilende wedstrijdselectie herbergde tweeëntwintig happige krankzinnigen die zich wanhopig wilden bewijzen voor de vele tienduizenden fans. Onze amandelmelk drinkende brabovriend Baresi, die zich overigens terecht bij mij WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 3beklaagde dat hij in mijn armoedige verhalen nooit wordt genoemd, wordt hier nu dus wel genoemd. Brabovriend Baresi onderbrak een wulps vrijgezellenpartijtje en scoorde de vroegste vlucht van Dublin naar Schiphol. Aldus werd hij prompt een vriend armer maar een kampioenservaring rijker. Zo bestaat ons eentonige leven uit doorlopend prioriteren. Van onze oorspronkelijk 24-poremige selectie waren er slechts twee stoethaspels die vandaag minuutloos bleven. Het betrof onze Youz (toch weer nijpende werksmoesjes, lieverd we missen je zo) en ondergetekende, een kleinzerige lafaard die niet met een gipsen been durfde te spelen.

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 4Na een obligaat doch kneuterig gezellig selectiefotootje in het doelgebied kraamde Kaptein Toivonen zijn gebruikelijke motivatiebabbels uit. Onbetwist hoogtepunt uit zijn meeslepende bloemlezing was de focus verhogende tekst “Het wordt een chaotische wedstrijd, maar doe alsjeblieft wel een beetje je best.” De doortrapte slimmerik doelde erop dat iedere zeshonderd tellen liefst twee wissels moesten plaatsvinden; er emmerden immers tweeëntwintig dwazen om speeltijd tijdens deze unieke happening. Ondertussen waren reeds zes flegmatieke bosjesmannen het veld op gedruppeld voor een ongeïnteresseerd opwarmrondje. Ook het ingehoerde scheidsie, tot ons gekomen via het beruchte scheidshuren.nl, was gearriveerd. Deze woordenrijke vent liet zich met opvallende graagte ontvallen de broer van ene Michael Reiziger te zijn. Dat is schijnbaar een voetballer van vroeger.

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 5Het werd een ware kampioenswedstrijd; niet om aan te koekeloeren. De heer Reiziger informeerde of er toch asjeblief iemand namens de armetierige bezoekers voor vlaggert wilde figureren, daar zij geen wisselspelers hadden. Hij werd secondenlang gniffelend aangetuurd, waarna Quintus zich over de roodgele vlag ontfermde. En prompt, hoe lachspier stimulerend, z’n beste vrindje Törder afvlagde. Die met hevig gefrustreerde armgebaartjes aangaf niet gediend te zijn van dergelijke brutaliteit. De levensgevaarlijke bosjesmannen belegerden onderwijl de vesting van onze toppool. Deze brute geweldenaar was niet geïntimideerd en pakte uiteraard alles. M’n peuterdochter kon alle gruwelellende intussen niet meer verdragen en simde onophoudelijk “Huis. Huis…” Waarna haar grote WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 6zus assertief corrigeerde: “Nee! Je mag niet naar huis!” en op haar verschrikkelijke feesttoeter blies. Mijn bij wijlen betweterige schoonvader keek me minutenlang honend aan. Hij lachte hardop en zijn spottende ogen zeiden: “Voetbal jij echt met deze idioten?” Gelukkig onttrok onze briljante rechtse tandem zich aan de meurende malaise. Dr Phil trakteerde op een elegante steekpass buitenkantje rechts en bliksemschicht Kassie schoof ons op voorsprong: 1-0. De vreugd was evenwel kortdurend. Met een zoevende vrije trap neutraliseerden de voormalige bankiers hun probleempje. “Lekker ABN!” riepen ze om het hardst. Behalve subtiel onderling bekvechten en gebaartjes maken deed WV 15 voor rust niet veel meer.

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 7Toivonens hartstochtelijke donderpreek heb ik niet bijgewoond, dus daarover kan ik u niets vertellen. Wel had hij het lumineuze idee opgevat om Törder tot aanvoerdert te bombarderen. Hij die zijn medespelers het meest afjankt als kapiteintje benoemen; da’s logisch. Veel inspiratie leken uw futloze kampioenen hier niet uit te putten, want de gewezen graaibankiertjes teisterden snoeihard de paal. Een verbeten Tomba, die nimmer een gebrek aan werklust verweten kan worden, was vastberaden om het duel te doen kantelen. Dus schoot hij meteen maar onze edele middenvelder TvT in zijn kloten. Vol. Van een meter afstand. Vanzelfsprekend had beroepspositivo Arn hierop een welgekozen aanmoediging paraat: “Kom op Tommetje!” Mama Dits had overigens andere zorgen en klampte haar jongste telg aan: “Ik heb een hele prangende vraag. Heb jij de reservesleutel van de auto nog?” U begrijpt: we zagen maar bar weinig voebel en een hoop rarig gepruts des te meer. Een esthetische uitzondering op deze regel was de fijnbesnaarde dieptepass van Roodbaard op Benna, die het aanstormende keepertje hulpeloosWV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 8 achterliet en de bal prinsjeheerlijk in het lege netje ramde: 2-1. Tot zover de verre van boeiende wedstrijd, die door de uitmuntende scheidsrechter Reiziger met een snerpend fluitje werd geëuthanaseerd. Reiziger leek trouwens gruwelijk op Reiziger, dus zou zomaar een broer van Reiziger geweest kunnen zijn.

We waren blij. Niet zo blij als de ontremde jongetjes van Leicester, maar heus blij. We sprongen als homogene blauwe massa door en over elkaar. We brulden als achterlijke gladiolen terwijl de Lidl-champagne rijkelijk sproeide en blauw Bengaals vuur de stadslucht verder vervuilde. En het voornaamste: we knuffelden De Schaal. Onze schaal. Met dank aan een gedegen feestcommissie. WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 9Verderop stond Mirek met het gezicht van een Poolse oorwurm die al weken geen sterke drank meer heeft gehad. “Ga je ons nog feliciteren, Mirek?” vroeg ik. “Nee, vandaag niet”, antwoordde hij. De legende vertrok geen spier en liep door. Onbetaalbaar vind ik zulke mooie dingen. Onbetaalbaar was ook de superchille takkenherrie die onze geniale dj’s Tonzel en Sjulemani fabriceerden. Om maar te zwijgen over de onsterfelijke André Hazes imitator die de kantine nagenoeg liet afbreken. Hij was zowat echter dan André zelf: royale bierbuik, bijpassende onderkin, ringbaardje, zwarte hoed, dikke ketting, oorbelletje en al zweetdruppels voor het optreden. Het was net of Dreetje er werkelijk bij was.

WV-HEDW 15 - FC Amsterdamse Bos 3 30-04-2016 10Dat het wilde festijn tamelijk succesvol was, bleek wel uit de immense hoeveelheid verloren eigendommen na afloop. De een miste een sok, de ander een voetbalschoen en een derde zotte malloot zijn ganse sporttas met inhoud. En de schaal. Die was natuurlijk sowieso pleite. Maar hing ineens mysterieus aan een schoorsteenmantel. Niemand wist ergens van. Hebt u iets gevonden of gezien? Bel ons alstublieft. Maar u kunt ook de plaatselijke politie bellen.

 

Gijs Lauret

16 april 2016: Blauw-Wit Beursbengels 4 – WV-HEDW 15 1-4 (1-2)

Blauw-Wit Beursbengels 4 - WV-HEDW 15 16-04-2016 1Nadat onze begerige titelkoorts tot tweehonderdnegentien graden Fahrenheit gestegen was, lag verneukeratieve focusverbleking heimelijk doch nadrukkelijk op de loer. De verlekkerde gesprekken gingen voortdurend over 30 april. Op die heilige dag moet en zal het kolossale volksbacchanaal op het omgeploegde hoofdveld van WV-HEDW plaatsvinden: de langverwachte kampioenskraker tegen de gewezen graaibankiertjes van FC Amsterdamse Bos. Het deed vermoeden dat vele verwende vedetjes met hun dromerige porem in de wolken liepen. En da’s dom, want Blauw-Wit Beursbengels moest geëlimineerd om de genoemde volksorgie überhaupt mogelijk te maken. En daarvoor moesten de linke Blauwwitters Robin Pröpper, Kees Luijckx en Carles Puyol worden bedwongen. De verrot kapotgedronken alcoholkoppen om me heen beloofden weinig vrolijks. De een keek nog comagezopener uit z’n lodderige ogen dan de ander. Bij Ome Arn echter aan onverzettelijkheid geen gebrek: “Als je hier punten laat liggen, is dat fakking lelijk. Ik wil echt dat dat niet gebeurt.”

Blauw-Wit Beursbengels 4 - WV-HEDW 15 16-04-2016 2Met vocale ondersteuning van loeiende rukwinden en vertrouwde pleurisherrie van de ring A10 mochten we de grasweide op. We waren een zeldzame hartklopping op een morsdood sportpark met louter lege velden. In de onbetaalbaar weggeteerde dug-out, waarin met graffitistift de lugubere en raadselachtige tekst RAPE ASC RAPE gekalkt stond, voelden we ons onverwacht thuis. Dat thuisvoelen nam in KoenLinks’ geval zo’n gigantische vlucht, dat hij er met zijn dunne reet bovenop ging zitten. En zijn zielige broekje inscheurde toen hij er half af flikkerde. Op het veld ondertussen deelden elf aanstaande kampioenen de lakens uit zonder dit in goals te vertalen. De blauwwitte bengeltjes roken en gristen hun tersluikse kans tijdens een merkwaardig lijpe cornerchaos. Markie was voornemens resoluut over de achterlijn te ruimen, maar caramboleerde zijn onvoorzien ferme vuurpijl via Arn in het doel. Dat was wel jammer. Zonder onze beestachtige pingelpakpool echter was deze stomvervelende achterstand in no time onoverbrugbaar geweest. Onze onoverwinnelijke kooitijger met grijpgrage armen neutraliseerde allerhande penibelheden. Hij was hoogstpersoonlijk verantwoordelijk voor alle aanwezige focus in het eerste kwart. Blauw-Wit Beursbengels 4 - WV-HEDW 15 16-04-2016 4Uw heetgebakerde sterren fulmineerden elkaar onder het gras, want daarmee maken wij elkaar scherp. Toch, lieve jongens? Het bleek wonderwel. Onze Sjulemani stroomde namelijk over van wedstrijdbeleving en als een ouwerwets nijfie zo scherp ramde hij na een dik half uurtje de 1-1 tegen de touwen. Zijn allereerste seizoenstreffert! Twijfel niet, Sjulemani is er. Heb ik altijd gevoeld. Hij staat op waar anderen huilend blijven liggen. En is daarom zijn 16,25 miljoen euro meer dan waard. Het was alsof we werden verlost van een immense boer die ons al drie etmalen het vreten en drinken belette. We ondernamen een kloeke doordrukpoging, maar moesten tegelijkertijd vrezen voor de gewiekste acties van hun kleine middenveldblondine met het leuke Lestienne-kapsel. Men lijdt het meest door het lijden dat men vreest, brabbelden onze wijze overgrootouders al. Dankzij een doeltreffend schot des Törders leek dit onzinnige lijden beëindigd. Met een minieme voorsprong mochten we theeën.

Blauw-Wit Beursbengels 4 - WV-HEDW 15 16-04-2016 3Helftje twee schiep een mentaal stabieler WV met opmerkelijk minder onnozel gefuck, meer druk naar voren en zenheid aan de bal. Toch wenste Ome Arn een vroege wissel, wat hij kortweg verklaarde met de prachtige tekst “teveel gedronken gisteren”. Nadien ging hij als onze allerheerlijkste motivator gierend tekeer langs de krijtlijnen. Iedere geslaagde actie kreeg een luidkeelse thumb-up, ieder dieptriest balverlies een bemoedigend commentaartje (“Lekker hoor mannen! Een beetje inzet! Ja, dat is het! Goed zo, madderfakkers! Ja, gaan! Ja! Lekker hoor mannen!” Et cetera). Terwijl het ingeslapen potje zich voortsleepte als een terminale strontvlieg onderweg naar zijn dikverdiende crematie, weigerden uw landerige helden die halfdode stinkvlieg in de fik te steken. Zo mikte Benna zijn fenomenale halfstift tegen binnenkant staander. In ons verkrachtingshok hield het zenuwpenerige nagelbijten aan. Twee oersimpele intikkers van Tördertje (hattrickje nummer elf) brachten verlossende ontspanning. Het kan niet meer verkloot. In het allerzwartste scenario (let wel: dit is ongeveer het allerergste wat zou kunnen gebeuren) wordt WV 15 volgende week kampioen. Zonder te spelen. Dat gebeurt indien de shoarma vretende pensridders van Amstelveen Heemraad absurd verzaken tegen RAP. Over twee weken zijn uw verse kampioenen levensecht te bewonderen tegen FC Amsterdamse Bos op Sportpark Middenmeer. Komt allen!

 

Gijs Lauret