Duitsers en Het Kleine Grote Niks

by Gijs Lauret

Een vakantieweekje in het huisje van mijn schoonouders zit boordevol levensverrijkende ervaringen. Dit Duitse gehucht is Het Kleine Grote Niks. Er is hier zo onvoorstelbaar geen ene mallefuckmoer te beleven dat het te mooi is om waar te zijn. Geen internet, geen zwakzinnige televisie, amper een mens; kortom, een ander leven. Een beter leven?

We hebben een enerverend bezoek gebracht aan Mehako, Der Erlebnis-Discounter. Een moffenvariant op de Action of de Euroland, met gratis beleveniselement bovendien. De Mehako is een afgelegen halletje waarin de stuntprijzen je met knalroodgele borden ingepeperd worden. 1 euro! 50 eurocent! 2 euro! Binnen een minuut kijk je vanzelf scheel. “Vorsicht! Preise sind gefallen!” en “Immer tolle Angebote!” schreeuwen hangbordjes ons toe. We stiefelen tussen de Nike en Adidas trainingsbroeken, kolossale spiegels, bolderkarren, boeddhahoofden, Betty Boop pennen, Che Guevara zakmessen en rollators door. Er zijn ansichtkaarten met “Aufrichtige Anteilnahme”. Die kun je gebruiken als een vos tekeer is gegaan in de kippenren van de overburen. Hoogtepunt zijn de plastic wegsodemieterbekertjes met Sinterklaas en Zwarte Piet erop. Umweltbewusstes einkaufen noemt men dat hier. “Wie zoet is krijgt lekkers”, brult het etiket. Producent: Hema. Met een zwemband, vaatdoekjes, rietjes, secondelijm, schmink, een Nijntje fotoboekje en een Perrier asbak ontvluchten wij de koopjestent. We zullen het allemaal nodig hebben. Naast de Mehako kun je voor een ruim eurootje angstaanjagend fatsoenlijke latte macchiato zuipen. Glaasje apfelschorrle erbij, kitscherig ikeaterras met louter Duitsers om je heen en je zit van a tot z geramd.

Duitse vlagDuitsers. Het woord is gevallen. In een weekje Duitsland is er geen ontkomen aan. Je komt Duitsers tegen, of je wil of niet. Op een onbenullig koffieterras ontmoet je de krankzinnigste exemplaren. Denk aan een imposant grote, ronde vrouw met kort haar, zwarte kleurspoeling en een achterwege gelaten nosejob die daar met zichzelf koffie en frisdrank zit te tanken. Kijkt ze triest of verbeeld ik me het omdat ik zelf een tikkeltje verdrietig word? Dan die gozer met die onbegrensde pens en half gesloten ogen die op ons toe waggelt en mijn vriendin aanspreekt: “Ich sehe dass Sie schwanger sind. Das bin ich schon fünfzehn Jahr!” Klopje op de pens en hij beent weg. Hou je vast, de hoofdact arriveert. Man, grijze harses met indrukwekkende inhammen, bril, fikse snor. Stoïcijnse, humorloze blik. Gewoon Duits, zou je denken. Maar let op. Wanstaltig enorme bruine schoenen, bruine Lederhosen, polo in schutkleuren. Bruine bretels die met een dwarsbandje onder borsthoogte bij elkaar worden gehouden. Opperboswachter zeker? Wat gaat er in Merkelsnaam in zo’n schitterend stripfiguur om, vraag jij je dat ook wel eens af? Precies op het moment dat ik mijn nieuwe held wil aanspreken krijg ik een noodoproep. Poepalert. Ik moet haar verschonen. Pingpongballetje in haar onderbroek. Bij terugkomst is onze boswachter gevlogen. Ik mis hem nog iedere minuut en overweeg een contactadvertentie.

Ons Nederlandse buurmeisje is jarig vandaag, middenin de zomervakantie. Acht. Met ons zijn de Duitse buren op de koffie. Franz en Gretl, zeventigers. Franz oogt beroerd, zit er uitgeblust en gedeprimeerd bij. Net een halsslagaderoperatie achter de rug. Er wacht er nog eentje. “Im Krankenhaus gibt man mir epo. Der Kardiologe sagte ich werde nächstes Jahr an der Tour de France teilnehmen,” zegt hij gekscherend, doch zonder een lachspier te vertrekken. In een weinig respectvolle bui hebben wij Franz onder elkaar eens Kabouter Plop genoemd. Dat is echter ongepast, zeker niet aardig en gaat puur op uiterlijk af bovendien. Gretl vertelt spontaan over de bommen die zij als kleuter hoorde vallen: “Meine Mutter hielt meine Hand und weinte während der Evakuierung”. Zij legt ons en passant in luttele minuten uit hoe wij onze kinderen moeten opvoeden en weg is ze, om spoedig terug te komen. Isa krijgt een knuffelijsbeertje, wat ontzettend lief. Ze wordt er verlegen van, drukt haar engelengezicht in mama’s bovenbeen. “Dankjewel”, fluistert zij op ons aandringen. Duitsers: een open, liefdevol en gastvrij volk. Kom daar maar eens om in egogecentreerd Nederland.

In een week als deze maak je dus grootse dingen mee. Het Kleine Grote Niks is ongeëvenaard relaxed, maar dodelijk saai blijft het. Neerploffen in mijn Amsterdamse zitzak, lekker voetbalnieuws internetten en langzaam slaperig worden is ook spannend. Zeker na zonsondergang. De halve binnentuin begint dan te barbecueën en produceert pleurisherrie die ik niet wil missen. Ramadan. Zolang die zwakbegaafde televisie maar uit blijft. Voice of Holland komt mijn leven niet in.

 

Gijs Lauret