Dikke kont

Julia is ruim vier, hartstikke schoolgaand en stiekem een beetje aan het kleuterpuberen. Ik waarschuw herhaaldelijk dat ze wel moet luisteren als Papa vraagt haar pyjama aan te doen. Ze kijkt baldadig omhoog, lacht me met haar bruine ogen vierkant uit en gaat onverstoorbaar verder met haar eigen programma: grote zus uitdagen. Ze trekt gekke bekken en brengt rare klanken voort die door de oudste niet worden geapprecieerd. Ik zeg Julia dat ik tot drie ga tellen en dat we vanavond geen boekje voorlezen als ze dan haar pyjama niet aantrekt. Mejuffrouw blijkt echter finaal ongevoelig voor alle loze teksten van Papa. Totdat blijkt dat haar licht gefrustreerde verwekker niet zomaar onzinnige dreigementen uitbraakt. Boekje voorlezen wordt haar ontnomen. Ze vindt het niet eerlijk. Ze is woedend.

“Papa, ik vind jou heel STOM! Met je dikke KONT!” roept ze. Ik kan mijn lachen niet inhouden en verberg tevergeefs mijn opkrullende mondhoeken achter mijn linkerhand. Ze breekt en begint hartverscheurend te snikken.

“Ik vind je niet lief en je hebt me heel boos en verdrietig gemaakt! En ik wil nooit meer met je spelen en je mag niet op mijn verjaardag komen!” Zo. Die zit. Hoewel die verjaardagssanctie wel wat aan inflatie onderhevig is sinds die zo’n driemaal per dag wordt opgelegd. Ik heb met het lieve kind te doen, maar de realiteit is keihard en onafwendbaar: geen boekje vandaag. Brullende tranen met tuiten zijn het gevolg.

Ik gooi het over een andere boeg. Die dikke derrière bevalt me namelijk geenszins. Je kunt van mij veel vinden, maar een uitdijende reet? Ik knoop mijn spijkerbroek los en toon mijn allermooiste bouwvakkersdecolleté.

“Kijk eens lieverd, Papa heeft helemaal geen dikke kont”, betoog ik met mijn lolligste stemmetje. Het kleine grietje twijfelt zichtbaar wat te doen: blèrend haar stelling blijven verdedigen of toch maar lachen om deze absurditeit. Een halve minuut later zijn we weer vriendjes en mag ik gelukkig ook weer op haar verjaardag komen. Ze klautert in bedje, haar oogleden zijn zwaar. Klaas Vaak is onderweg, dat zie je zo.

 

Gijs Lauret