Wer rasiert, verliert

by Gijs Lauret

Wer rasiert, verliert 1Wer rasiert, verliert. Dat is genoegzaam bekend. En verliezen, daaraan heb ik vele broertjes dood. Laat ik het zo zeggen: daar ben ik tot 14 juli sowieso niet aan toe. We moeten keihard de finale halen. Wreed afrekenen met die bloedzuigende Argentijnen onder inspiratieloze aanvoering van La Pulga (De Vlo, red.), de superbe klassedwerg Messi. In de geest van het schitterende Duitse gezegde heb ik naar prachtig Rheinland Pfalz geen scheerschuim mee, maar tors ik een bijgelovig vakantiebaardje. Voor de opmerkzame lezer: wij vertoefden hier inderdaad eerder en maakten destijds de wildste avonturen mee (zie bit.ly/1n1EwdT en bit.ly/1oCmFyg).

Ons handzame iPadje (bedankt, vader) werkt zich over de kop om mij Oranje te laten zien.  Met verse WIFI kan alles, ook als je ergens in een onbereikbaar gat zit. Zo’n stream heeft een vette minuut vertraging. WhatsAppend tijdens de gruwelijke slachting van de Goddelijke Kanaries liep ik zomaar twee Duitse goals achter de ongelooflijke feiten aan. Ik zal vanavond dus jubelen of treuren om het verleden.

Wer rasiert, verliert 2Aldus zit ik op een comfortabele lederen hangbank opgevouwen naar dat kleine schermpje te staren. Vriendinlief steunt moreel door soms een minuutje mee te gluren alvorens verder te surfen; dat hippe model schoenen is ook nergens verkrijgbaar. Met een bovenliggend Argentinië gieren onverdraagzame zenuwen door mijn hulpeloze zelf. Mijn blaas is tien keer leeg maar ik ervaar voortdurende urinedrang. Voebel om de knikkers is rampzalig voor je hart. Misschien onbegrijpelijk, maar ik geniet van de oplopende spanning. Ons keepertje Jasper heeft nergens last mee en kapt het volgevreten spitsje, ooit actief voor een onbeduidend Madrileens clubje, weergaloos uit. Voorin is het overigens huilen met de pet op; La Naranja Mecánica creëert nog geen verlopen pepernoot.

Wer rasiert, verliert 3Vriendinlief vindt het dermate spannend dat ze nagenoeg in slaap valt. Zij wordt in de rust gewisseld; team Lauret kijkt met één man verder. Ik voel hernieuwd vertrouwen totdat in minuut 55 spontaan het beeld op zwart gaat. Mijn hartslag en bloeddruk gaan door het dak. Ik onderdruk ijskoud iedere emotie om finaal flippen te voorkomen. Dat houd ik een minuutje vol. In dat fatale minuutje merk ik dat ook de hoogbejaarde laptop en mijn krakkemikkige telefoon weigeren te helpen. Ik scheld de hele tent verrot, op gedempte toon; mijn drie vrouwen zij hun welverdiende nachtrust gegund. ‘Sorry, de video kan op dit moment niet worden afgespeeld’, spuugt de onuitstaanbare iPad steeds opnieuw in mijn gezicht. Ik draai bijkans door en overweeg 112 te bellen om vier acute bypasses te eisen. Gelukkig is Radio 1 behulpzaam via mijn telefoon. Jackie en zijn iets normalere secondant Ronald lullen me bij. Sinds ik Jack hoor krijg ik het hoopvolle gevoel dat Nederland stukken beter voetbalt. Met de laptop op schoot, de iPad naast me en mijn telefoon in een hand probeer ik wanhopig, waar dan ook, iets van een rollende bal te zien. Kansloze exercitie. We gaan verlengen, vertelt Jackie. Ondertussen schijnt het kijkspel een afgrondelijke teistering voor de neutrale toeschouwer. Misschien is het een onbedoelde zegen om deze armoedige onzin niet te hoeven aanschouwen.

Het worden weer dekselse pingeltjes en Jackie heeft een beroerd voorgevoel. Ik ervaar een vreemde berusting. Jaspertje pakt ze niet. Ron en Wes falen tegenover koekenbakker Romero, het uitgeslapen reservekeepertje van Monaco. De sfeer tussen mij en mezelf is vooral gelaten. Iedere keer dat Oranje de schaarse kansen op een prijs laat glippen is eeuwig zonde. Behalve vier overheerlijke weken voebel is een WK namelijk een fikse confrontatie met de eigen sterfelijkheid. Tijdens het volgende toernooi ben ik 38 jaar. Dat is op zichzelf al belachelijk. En in 2022, de daaropvolgende kans, mag mijn oudste zowat naar de middelbare school. Ga weg man. Hoe verwerk ik deze harde realiteit? Laat ik de boel maar weer opschrijven.

 

Gijs Lauret